Als u aan het urencriterium voldoet en u heeft aan het begin van het kalenderjaar nog niet de AOW-leeftijd bereikt, dan kunt u een deel van de (in een kalenderjaar) behaalde winst toevoegen aan uw oudedagsreserve. U mag dus een bepaald bedrag van de winst mag aftrekken. De toevoeging aan uw oudedagsreserve over een kalenderjaar is 9,8% van de winst, met een maximum van € 8.946. De toevoeging mag niet hoger zijn dan het ondernemingsvermogen aan het einde van het kalenderjaar. De fiscale oudedagsreserve is een uitgestelde belastingheffing. U mag een deel van uw winst in de boeken reserveren als pensioenvoorziening. Over dat bedrag betaalt u in dat jaar geen inkomstenbelasting. Op het moment dat u met pensioen gaat, rekent u af met de fiscus. Die telt alle reserveringen in de voorbije jaren bij elkaar op: de opgebouwde FOR. Over dat bedrag betaalt u belasting. Na uw pensioengerechtigde leeftijd is het belastingtarief lager, wat u dus fiscaal voordeel oplevert. Maar daarmee heeft u nog geen pensioen geregeld. Dit regelt u door van uw opgebouwde FOR een lijfrente aan te kopen, een vorm van levensverzekering. De premie hiervan is overigens aftrekbaar. Het geld van uw FOR blijft dus in uw eigen bedrijf.

In de volgende situaties neemt de oudedagsreserve af of wordt deze opgeheven:

  • U koopt een lijfrente voor een inkomensvoorziening en u verzoekt ons om de oudedagsreserve met dat bedrag te laten afnemen.
  • Het bedrag van de oudedagsreserve is hoger dan het ondernemingsvermogen, terwijl zich daarbij 1 van de volgende situaties voordoet:
    • U staakt de onderneming geheel of gedeeltelijk.
    • U hebt op 1 januari van het kalenderjaar de AOW-leeftijd bereikt.
    • U voldoet dit kalenderjaar en het vorige kalenderjaar niet aan het urencriterium.